Reisverslag Villard-Reculas (Alpe d’Huez): klein dorp, groots skiën
Wie denkt dat wintersport in Frankrijk vooral draait om grote, onpersoonlijke ski-in ski-out resorts, moet even verder lezen. Begin maart verbleef ik in het kleine bergdorpje Villard-Reculas in de regio Isère. Nauwelijks inwoners, volop charme en toch directe toegang tot het skigebied van Alpe d’Huez. Of ik onder de indruk was? Nogal.
Villard Reculas: klein dorp, groot verhaal
Villard-Reculas is misschien klein, maar het verhaal erachter is verrassend groot. Ooit was dit een rustig boerendorpje op 1500 meter hoogte, met sporen van bewoning die teruggaan tot de 14e eeuw. Lange tijd woonden hier slechts een handvol mensen, in 1973 nog maar zeventien. Pas met de verbinding naar Alpe d’Huez ontwikkelde het dorp zich tot wintersportbestemming.
Toch voelt het hier allesbehalve massaal. Met zo’n 40 inwoners en ongeveer 1500 toeristenbedden blijft de sfeer kleinschalig en persoonlijk. Grote hotels ontbreken; er is één pension en verder bestaat het dorp vooral uit chalets en appartementen, allemaal privébezit. Je verblijft hier niet in een resort, maar echt in een charmant klein bergdorp. En dat merk je. Rust, ruimte en een lager tempo — met om je heen een bergwereld die serieus indruk maakt. Het enorme skigebied van Alpe d’Huez ligt om de hoek, maar hier voelt alles net even puurder en rustiger.
Zo kom je in Villard-Reculas
Wij kozen voor de trein en eerlijk: dat is verrassend relaxed én snel. Om 07.10 uur vertrokken we met de Eurostar vanuit Amsterdam naar Parijs. Daar stapten we over van Gare du Nord naar Gare de Lyon (even de metro in) en reisden we door naar Grenoble, waar we om 15.13 uur aankwamen. Vanaf daar huurden we een busje voor het laatste stuk de bergen in (ongeveer een uur rijden), maar er rijden in de winter ook transfers en reguliere bussen naar Villard-Reculas. Van december tot eind maart gaat er een directe busverbinding vanaf Grenoble en daarnaast rijden er zo’n vijf bussen per dag richting het dorpje.
Met de auto is Villard-Reculas ook goed bereikbaar. Vanaf Utrecht is het ongeveer 1000 kilometer rijden, goed voor zo’n 10 tot 11 uur onderweg, afhankelijk van verkeer en pauzes. Het laatste stuk voert je via Grenoble de bergen in richting Villard Reculas een mooie, maar ook bochtige klim die je langzaam naar het dorp brengt.
“Je skiet hier in Alpe d’Huez, maar slaapt in een dorp waar het nog écht stil is.
Knus en sfeervol chalet
In Villard-Reculas vind je vooral ruime chalets en appartementen, ideaal als je – net als wij – met een groep reist. Wij verblijven in chalet La Klochette, een prachtig appartement dat meteen warm en sfeervol aanvoelt. Overal zie je persoonlijke details terug van de Parijse familie die het bezit. Leuk detail: het gebouw is enkele jaren geleden neergezet door een vriendengroep uit Parijs, die hier allemaal hun eigen appartement hebben.

Binnen hebben we alle ruimte: een grote woonkamer met open haard, een grote eettafel, een fijne plofbank, vijf slaapkamers en vier badkamers. En dan is er nog het balkon, met – je raadt het al – opnieuw zo’n indrukwekkend uitzicht op de bergen. De eerste avond blijven we lekker binnen voor een uitgebreide raclette. Beter kun je je trip eigenlijk niet beginnen. Daarna vroeg naar bed, want morgen staan de ski’s op het programma.
Lange tochten skiën in Alpe d’Huez
Vandaag gaan we op pad in het skigebied van Alpe d’Huez, goed voor zo’n 250 kilometer aan pistes. Vanuit Villard-Reculas sta je binnen no time (één sleeplift en één stoeltjeslift) midden in het grote en bekende wintersportdorp. Wat een verschil met ons rustige, knusse dorpje. Ook op de pistes merk je het meteen: het is hier een stuk drukker.
Uiteraard zetten we koers richting het hoogste punt van het skigebied: Pic Blanc (3330 meter). Het begint bijna afgezaagd te worden, maar ook hier is het uitzicht weer fenomenaal. Daarna volgt een van de bekendste afdalingen van het gebied: La Sarenne, een zwarte piste van maar liefst 16 kilometer lang. Het begin is steil en hier en daar zie je wat onzekere bochten, maar al snel wordt de piste breder en vriendelijker. Vanaf dat moment is het simpel: Dit. Is. Genieten.

Lunch met zon, vuur en uitzicht
De tijd vliegt voorbij en de magen beginnen te knorren. Tijd voor lunch bij restaurant L’Aventure in Oz 3000. Een heerlijke plek met zonnig terras, waar het vlees op open vuur wordt bereid, maar waar ze gelukkig ook weten hoe je een knapperige veggieburger maakt. Na de lunch skiën we door richting Vaujany. Nog een paar mooie afdalingen later sluiten we de dag af met een drankje bij een berghut net boven het dal. De benen zijn klaar voor de bank, wij nog lang niet.

Kleine dorpstradities, grote gezelligheid
Elke woensdagavond organiseert Villard-Reculas een klein feestje voor families. De kids gaan met “fakkels” (lees: lampjes) met de sleeplift omhoog om vervolgens samen met skileraren weer naar beneden te skiën. Best stoer, zeker in het donker. Onderaan staat warme drank klaar - met of zonder alcohol - en voor je het weet sta je gezellig mee te kletsen langs de piste. Het is allemaal zo typisch Villard-Reculas: klein, knus en een beetje kneuterig op de allerbeste manier.
Daarna schuiven we aan bij Demeure Sauvage, een sfeervol restaurant in het dorp. Mijn buik zit eigenlijk nog vol van de lunch, dus ik hou het netjes bij een pompoensoep met knapperige toppings. Maar een vloeibaar chocoladetaartje als toetje? Ja… daar ga ik dus altijd voor. Discipline is ook maar een relatief begrip op wintersport.
Triathlon in de sneeuw
Vandaag staat er een pittig programma op de planning: drie activiteiten op één dag. We beginnen met trailrunnen. Vooraf denk ik nog: o jee… bergop rennen is niet per se mijn hobby. Maar zodra onze gids zegt: “Je hoeft niet alles te rennen, stevig doorlopen is ook goed”, ben ik gerustgesteld. En eerlijk is eerlijk: het is geweldig. Zowel omhoog als omlaag. Dit ga ik vaker doen! En ondertussen weer dat uitzicht: het begint bijna saai te worden hoe mooi het hier is.

Na een snelle lunch in het chalet stappen we over op toerski’s. In de omgeving liggen speciale routes en samen met een gids verkennen we een stukje buiten het reguliere skigebied. We klimmen zo’n 300 hoogtemeters en leggen een kleine 3 kilometer af. Niet extreem, maar precies genoeg om dat heerlijke gevoel te krijgen. En die paar poederbochten? Die maken het helemaal af.

Afsluiter: sneeuwschoenwandelen
Alsof de benen nog niet genoeg te verduren hebben gehad, binden we om 17.30 uur ook nog de sneeuwschoenen onder. De lokale VVV organiseert begeleide tochten en in ongeveer een uur lopen we zo’n 3 kilometer en 200 hoogtemeters. De schemer valt langzaam in en dan tovert de gids ineens een flinke kan vin chaud uit zijn rugzak. Met een warme beker in de hand kijken we uit over Villard-Reculas.

Hoofd vol mooie beelden
De trip zit erop. Moe, voldaan en met een hoofd vol mooie beelden. En één ding is zeker: voor rust, uitzicht en een tikje extra charme hoef je hier niet lang te zoeken. Villard-Reculas doet het gewoon nét even anders. En precies daarom wil je hier nog een keer naartoe.
Log in en lees reacties
Inloggen